De underdog heeft het voordeel van minder verwachtingen.
In 1990 won Kameroen van titelverdediger Argentinië op het WK in Italië.
In 2002 won Senegal van de wereldkampioen uit 1998, Frankrijk.
In 2010 speelt Paraguay gelijk tegen Italië, dat op dat moment titelhouder is.
De wereldkampioen staat voor een bijna onmogelijke taak om vier jaar later weer voor de grootste titel uit het voetbal te gaan. Slechts twee keer slaagt een land erin om twee keer achter elkaar wereldkampioen te worden.
Italië wint in 1934 en 1938 het WK. De Italianen verslaan eerst Tsjechoslowakije en vier jaar later Hongarije in de finale. Dat doen zij in eigen land in 1934 en daarna in Frankrijk.
Brazilië mag zich in 1958 én 1962 het beste land ter wereld noemen. In 1958 maakt de wereld kennis met Pelé, en vier jaar later is Garrincha de grote held wanneer Pelé geblesseerd raakt.
Spanje mag op het WK in Brazilië van 2014 proberen om de prestatie van Italië te evenaren. Spanje lijkt echt kans te maken op een nieuwe titel. Het land wint het EK van 2008, het WK van 2010 en daarna het EK van 2012. De spelers zetten een unieke prestatie neer.
Oranje en Spanje staan tegenover elkaar in Salvador da Bahia. Het is dan bijna vier jaar na de finale in Johannesburg. Die finale wordt beslist door Barcelona-middenvelder Andres Iniesta. Daarmee verliest Nederland de derde WK-finale waar het onderdeel van is.
De verwachtingen voor het toernooi zijn niet groot. Het is duidelijk dat Oranje minder is geworden na 2010. De aanvoerder van dat WK was Giovanni van Bronckhorst. Hij stopte meteen na het toernooi. Zijn opvolger was Mark van Bommel, die stopte na het EK van 2012.
Daarnaast kon Louis van Gaal niet rekenen op spelers als Joris Mathijssen, John Heitinga, Gregory van der Wiel, André Ooijer en Khalid Boularouz. De eerste twee vormden samen het centrum van de verdediging. Van der Wiel was de rechtsback.
Ooijer en Boularouz hadden aangetoond waardige vervangers te zijn van die spelers.
Maarten Stekelenburg ontbrak ook in Brazilië, waardoor Van Gaal dus de gehele verdediging moest zien te vervangen. Op het middenveld kon de bondscoach nog wel rekenen op de belangrijke Nigel de Jong. Aanvallend gezien was er het ontbreken van Rafael van der Vaart.
Al deze veranderingen zouden uiteindelijk leiden tot een opvallend besluit van Van Gaal. Hij koos ervoor om met een voor Nederland vreemd systeem aan de aftrap te beginnen. Van Gaal ging voor het 3-5-2 systeem, zodat het team verdedigend wat meer zekerheid in kon bouwen.
Dat zou het elftal nodig gaan hebben tegen de Spanjaarden. Bij Oranje waren er een hoop wijzigingen, terwijl Spanje voor een groot deel kon rekenen op dezelfde spelers. Iker Casillas stond in het doel, met voor hem Sergio Ramos.
Ramos stond niet langer opgesteld als back, maar was na het stoppen van Carles Puyol naar het centrum verhuisd waar hij naast Gerard Piqué speelde.
Op het bizar sterke Spaanse middenveld stonden nog steeds Xaxi, Andres Iniesta, Xabi Alonso en Sergio Busquets opgesteld. Twee invallers van de finale van 2010 vielen ook in 2014 in. Cesc Fabregas en Fernando Torres kwamen van de bank in de tweede helft.
Leuke spelers om op de bank te hebben. Vooraf was het kwaliteitsverschil duidelijk.
Het Nederlands Elftal had dankzij de ingreep van Van Gaal wel de beschikking over een fantastische driehoek. De aanvallers Robin van Persie en Arjen Robben werden in de rug gesteund door spelverdeler Wesley Sneijder.
Als het verdedigende blok van Van Gaal stand kon houden was het misschien in staat om die drie topspelers in stelling te brengen. Met een in vorm zijnde driehoek maakte Oranje mogelijk een kans tegen het team dat drie toernooien in vier jaar tijd wist te winnen.
Het 3-5-2 systeem van Van Gaal werd bij balverlies een 5-3-2. De wingbacks waren in balbezit middenvelder, en bij balbezit tegenstander back. Dat klinkt logisch voor mensen die bekend zijn met het systeem, maar dat hoef niet altijd zo te zijn.
In een andere versie van dit systeem wordt er bij balbezit tegenstander verdedigd in een 4-4-2. Dat doen teams door aan de kant van de bal de linker centrale verdediger de back te maken. Zo kan de wingback aan die kant wat hoger op het veld staan om druk op de tegenstander te zetten.
De wingback aan de andere kant komt dan wel in de back positie te staan, zodat de verdediging van die er één van vier kan worden. Van Gaal kiest voor een verdediging van vijf op momenten van balbezit bij de tegenpartij. Vanuit daar kan er alsnog een speler naar voren om druk te zetten.
Dat de driehoek gevaarlijk kan worden zien we al vroeg in de wedstrijd. De eerste grote kans is voor Oranje. Sneijder weet aan de aandacht van de tegenpartij te ontsnappen. De steekpass van Robben is geweldig, en Sneijder komt oog in oog met Casillas.
Hij schiet in de 16 van Spanje recht op Casillas af, die redding kan brengen. Daarna is het de beurt aan Spanje. Na een mooie combinatie wordt Diego Costa in de diepte gevonden. In de 16 van Oranje kapt hij Stefan de Vrij uit. Hij maakt een overtreding op de spits. De bal gaat op de stip.
Xabi Alsono schiet de bal langs de strekkende Jasper Cillesen. Oranje staat binnen een halfuur op achterstand. Het lijkt dan een hele lastige wedstrijd te gaan worden waarin een monsterscore niet kan worden uitgesloten.
Nederland weet in ieder geval een snelle tweede tegengoal te voorkomen.
Kort voor rust zoekt Oranje de aanval. De bal komt uit bij Daley Blind, aan de linkerkant van het veld, iets over de middenlijn. In zo'n situatie, kort voor rust, willen teams meestal de bal houden. De trainer zal aangeven dat er op balbezit moet worden gespeeld.
Sneijder biedt zich aan bij Blind. De bal kan makkelijk terug naar Bruno Martens Indi, die schuin achter Blind staat. De Jong is ingezakt ter hoogte van de laatste linie. Hij is ook aanspeelbaar. Maar Blind wil vooruit. Hij ziet de loopactie van Robin van Persie.
Van Persie probeert de ruimte achter Ramos te benutten. Omdat de Spaanse verdediging niet op één lijn staat, kan Van Persie nog voor de pass van Blind een meter naar voren pakken zonder buitenspel te staan. Blind gaat voor de pass, die hij heerlijk met zijn wreef raakt.
De pass is perfect in de loop van de sprintende Van Persie. De bal is zo op maat dat Casillas moet blijven staan. Hij staat op zijn vijf meter lijn. Van Persie maakt in een snoekduik contact met de bal met zijn hoofd. Hij raakt deze precies zoals het moet, en ziet al vallend de bal over Casillas gaan.
Oranje komt op een geweldig moment op gelijke hoogte.
Bij het woord snoekduik denken de meeste voetballiefhebbers aan de naam van Bep Bakhuys. Hij wordt gezien als de bedenker van deze manier van koppen, waarbij een speler een duikvlucht maakt om de bal met het voorhoofd te kunnen raken.
Eén van zijn doelpunten die hij op deze karakteristieke manier maakte scoorde Bakhuys in een wedstrijd tegen België. Dat gebeurde in 1934, tachtig jaar voor de ontmoeting tussen Nederland en Spanje. Balhuys was erbij toen Nederland voor het eerst meedeed aan het WK.
Bakyus overleed nog voor de geboorte van Van Persie maar op die dag, op dat moment, was hij er toch een beetje bij. De spits met meer doelpunten voor Oranje dan interlands hielp zijn land aan kwalificatie voor het WK van 1934 in Italië.
Scoren net voor rust is lekker voor het eigen elftal. Hier komt bij dat het als een klap kan voelen voor de tegenstander, die daarvan bij moet komen na het rustsignaal. In plaats van het hebben over het beschermen en mogelijk uitbreiden van de voorsprong, wordt het een ander gesprek.
Niet lang na de rust is het opnieuw Blind die zichzelf laat zien. De wingback van Oranje wordt ingespeeld door Sneijder aan de linkerkant. Sneijder biedt zich meteen aan om de bal terug te krijgen. Blind laat nog een keer zien over aardig wat inzicht te beschikken.
Hij ziet de loopactie van Robben. Die maakt een lichte vooractie, waardoor bewaker Piqué net een stap naar voren maakt. Daarna zoekt Robben de diepte achter de Spaanse verdediging. Ramos staat in het 1 op 1 spelende elftal bij Van Persie, waardoor er geen sprake van rugdekking is.
De pass van Blind is goed, net als de aanname van Robben. In de 16 van Casillas kapt hij Piqué uit om naar zijn linker te gaan. De aanstormende Ramos probeert met een sliding te bal te blokkeren. Hij raakt de bal nog aan maar helpt Robben hier alleen mee want Casillas is nu kansloos, 1-2.
Bij de twee doelpunten van Oranje toont het team de kwetsbaarheid aan van de Spaanse verdediging. Dat kwetsbare heeft te maken met de manier waarop het team wil verdedigen. Het kiest voor een speelwijze waarin Ramos en Piqué de bewakers zijn van Robben en Van Persie.
Dat is, zelfs tegen topspelers, niet meteen zelfmoord. Maar wat Spanje ook wil doen is een vrij hoge laatste lijn hebben, en zoals blijkt bij de 1-2 van Robben wil het kort kunnen dekken. Het is niet mogelijk om het allemaal te doen.
Een team zal keuzes moeten maken. Thomas Frank gat ooit een sterke uitleg over zijn manier van spelen bij Brentford. De Deense trainer liet zijn elftal hoog druk zetten op de bal maar vroeg van zijn verdedigers dat zij wat afstand namen van de directe tegenstander.
Op deze manier moesten de verdedigers de diepte uit het spel van de tegenpartij halen. Pas na het inspelen van een directe tegenstander werd er van de spelers verwacht dat zij overgingen op het kort dekken.
Natuurlijk is het nadeel hiervan dat er passlijnen kunnen ontstaan naar aanvallers terwijl teamgenoten proberen om druk op de bal uit te voeren. Dan kan de tegenpartij onder die druk uitkomen. Dat is nog altijd beter dan spelen met veel ruimte in je rug.
Voetballers met snelheid zullen daar dankbaar gebruik van maken. Spelers met de kwaliteitein van Robben en Van Persie straffen dat ook meteen af. Spanje maakt het Oranje een stuk makkelijker omdat het niet echt een keuze lijkt te maken.
Het team van Spanje wil het tactisch gezien allemaal en krijgt daarom niks voor elkaar.
Tegenvallend is het feit dat het team met zoveel ervaring niet kan ingrijpen. Van deze spelers mag verwacht worden dat zij na de 1-2 inzien dat zij Oranje op een andere manier moeten bestrijden.
Nederland verdient alle lof. Het is geen off-day van Spanje waar het team van profiteert. Want wat de ploeg van Louis van Gaal zo goed doet is het initiatief nemen. Het is verleidelijk om je tegen Spanje in te gaan graven, en niet aan de bal te willen zijn.
Oranje ziet echter dat er juist aan de bal kansen liggen. Spanje is defensief niet het sterkste land. Het tiki taka voetbal ontstaat uit het idee dat balbezit een vorm van verdedigen is.
Om die reden krijgt het kritiek van mensen die niet begrijpen dat balbezit houden meerdere functies heeft. Johan Cruijff stond aan de basis van deze manier van voetballen met één van zijn geniale uitspraken.
“Wanneer je de bal hebt hoef je niet te verdedigen, want er is maar één bal”.
Nederlands balbezit betekent geen bal voor Xavi, Iniesta of David Silva. In deze wedstrijd betekende het ook gebruik maken van de moeite die tegenstanders hebben met het 3-5-2 systeem.
Op het EK van 2024 geeft Engeland-bondscoach Gareth Southgate aan dat het lastig is om te spelen tegen teams met drie verdedigers. Nadat de normaal gesproken tactisch sterke Italianen fout omgaan met de Zwitserse tactiek, doet Southgate het anders.
Hij kiest ervoor om net als Zwitserland met drie verdedigers te gaan spelen. Zelfs met die aanpassing heeft Engeland strafschoppen nodig om een ronde verder te komen. Dat heeft onder anderen te maken met de tactische variant van de Zwitsers.
Captain Granit Xhaka zakt bij balbezit in, en vormt met de drie spelers een lijn van vier. Bij het eerste doelpunt valt de positie van De Jong op, die tussen Martens Indi en Ron Vlaar staat. Op het moment dat Blind aan de bal komt staat Oranje in een 4-4-2 opgesteld.
Het is zo dat bijna elke loopactie, vooruit of achteruit, de samenstelling kan veranderen. In wedstrijden dat een tegenstander al moeite heeft met de basisopstelling is elke minimale verandering een probleem.
Om dit te kunnen doen moet je niet bang zijn om aan de bal te komen. Je moet niet bang zijn om de eindpass te geven. Hier moet sprake zijn van het uitkiezen van het goede moment. Blind weet dat hij ruimte kan krijgen tussen de back en een middenvelder van Spanje.
Dat is één. Je moet de ruimte hebben voor het versturen van een goede eindpass. Twee is dat de ruimte er moet liggen. De te hoge lijn van de 1 op 1 spelende Spanjaarden zorgt voor die ruimte.
Het klinkt te veel als het probleem van Spanje terwijl het in werkelijkheid het gevolg is van de keuzes en kwaliteiten in het elftal van Nederland. De 1-2 van Robben valt in de 53e minuut wanneer er alle tijd is voor een Spaanse comeback.
Dat staat Oranje niet toe. Zo'n tien minuten na de 1-2 vergroot het team de voorsprong. Voor die goal schiet Van Persie na een goede aanval de bal nog hard op de lat. Het is voor Spanje de zoveelste waarschuwing.
Er zijn een aantal momenten in het duel die doen denken aan het WK van 2010. Wanneer Wesley Sneijder achter de bal gaat staan voor een vrije trap vanaf de zijkant gaan de gedachten terug naar de wedstrijd tegen Brazilië in de kwartfinale.
In die wedstrijd keept bij Brazilië Julio Cesar, teamgenoot van Sneijder bij Inter Milan. De kleine spelverdeler zegt voor de wedstrijd lachend tegen de camera dat zijn clubkeeper “geen held is bij hoge ballen”. Daar zal Sneijder met zijn trap gebruik van maken.
Casillas is een absolute topkeeper. Maar ook in de top is niemand perfect. De Spaanse doelman krijgt kritiek over zijn spel in de 16. Hij zou niet genoeg aanwezig zijn in de lucht, zo wordt er gezegd. Het is één van de redenen voor José Mourinho om hem bij Real Madrid te passeren.
Sneijder kent Casillas uit zijn tijd in Madrid. Hij weet goed of er een kern van waarheid in de verhalen zit. Zijn vrije trap neemt hij bewust hoger dan normaal, zo lijkt het. Casillas heeft moeite met de drukte om hem heen.
Hij kan niet bij de bal, die over hem heen gaat en uitkomt bij de tweede paal. Daar staat Stefan de Vrij die de bal in kan koppen. Nederland komt op een 1-3 voorsprong. Spanje vraagt om een vrije trap omdat Van Persie samen met Casillas bij de bal probeert de komen.
De aanvoerder van Oranje maakt geen overtreding op de keeper. Het doelpunt telt. Er is dan ruim een uur gespeeld. Met de blessuretijd erbij heeft Spanje nog een half uur om wat aan de achterstand te doen. Als er één team de kwaliteiten in huis heeft voor een ommekeer, is dat dit team wel.
Het is Van Persie die een einde maakt aan alle Spaanse hoop.
Na een ingooi van Daryl Janmaat verliest Oranje de bal. Ramos kiest voor een terugspeelbal naar zijn keeper. Wat Van Persie daarna doet is opvallend.
Met een 1-3 voorsprong tegen een tegenstander als Spanje zou je verwachten dat de spits tevreden is met die bal terug op doelman Casillas. Die bal terug geeft Ramos omdat Van Persie hem onder druk zet. Hij kan denken dat zijn werk klaar is en dat het tijd is om in te zakken.
In plaats daarvan loopt Van Persie door. Het is het teken voor Sneijder om hetzelfde te doen. Hij sprint in de richting van Piqué, die anders in alle rust de bal van Casillas had kunnen ontvangen. De onverwachte druk vooruit van Van Persie en Sneijder verrassen hem.
Zijn aanname gaat fout, en hij kan dit niet meer herstellen. De bal schiet van zijn voet, zo'n twee meter naar voren. Daar is Van Persie om deze af te pakken. Hij tikt de bal langs de keeper, die dit met zijn sliding niet kan herstellen. Piqué komt te laat om er nog wat aan te doen. Het is 1-4.
Voor Van Gaal is het kort daarna tijd om wat verse krachten te brengen. De bondscoach doet dit door spelers met een gele kaart te wisselen. Een paar minuten na de 1-4 mag Van Persie eraf. Voor hem komt Jeremain Lens, een speler die zeer sterk in met ruimte voor hem.
Achterin komt Joël Veltman erbij. Hij vervangt De Vrij. Eerder had de bondscoach al gewisseld op het Nederlandse middenveld. Jonathan de Guzman verliet al voor de vierde Oranje-goal het veld voor Georginio Wijnaldum.
Robben zorgt voor de eindstand. Oranje heeft de bal links achterin. Spanje zet druk waardoor zij de bal veroveren. Martens Indi, die de bal verliest, komt in actie om deze meteen terug te winnen.
Hij zoekt de ingevallen Pedro op die Martens Indi met een beweging probeert te passeren. Dat mislukt. De verdediger van Oranje kan de bal onderscheppen. Deze komt terecht bij de speler die je in dit soort situaties altijd aan de bal wilt hebben.
Sneijder kijkt meteen vooruit om te zien waar Robben is. Net als vier jaar eerder is de pass van Sneijder zo nauwkeurig als maar kan. Robben moet een paar meter goed zien te maken tegen Ramos, die vanwege het effect dat de bal meekrijgt van Sneijder niet meteen in kan grijpen.
Op het moment van de pass is de manier waarop het team moet staan goed te zien. Vijf man achterin, met De Jong daar kort voor. Martens Indi moet als linker centrale verdediger Blind helpen.
Sneijder zakt in en komt naast Wijnaldum te staan voor de defensie van Oranje. Bij een 1-4 voorsprong concluderen dat het goed gaat is makkelijk. Maar het opvallend hoe snel het team van Van Gaal deze nieuwe speelwijze oppakt, en zo goed weet uit te voeren.
Robben sprint Ramos eruit die tijdens het rennen naar Casillas seint. Het is niet duidelijk of de verdediger zijn keeper vraagt om uit te komen of juist te blijven staan. Robben is Ramos te snel af maar als Casillas in zijn doel blijft staan kunnen zij het nog samen oplossen.
Casillas komt half uit en probeert Robben naar buiten te dwingen. Dat lukt bijna maar dan draait Robben om zijn as naar zijn linkerbeen. Casillas gaat eerst naar de grond, probeert dan te herstellen, en ligt opnieuw.
In het doel staan vervolgens Jordi Alba en Ramos. Zij kunnen niet voorkomen dat Robben zorgt voor de 1-5. Het is een klap die Spanje niet meer te boven zal komen.
Op het WK van 2010 verliest Spanje het eerste duel in de groep van Zwitserland. Daarna herstelt het team zich, en wordt wereldkampioen. Die nederlaag is er één van 1-0. Verliezen met 1-5 is een ander verhaal.
Hoe kom je dat te boven in een paar dagen tijd? Dat lukt Spanje niet. Tegen de sterke Chilenen verliest het team met 0-2. De 3-0 overwinning tegen Australië komt te laat. Spanje kan naar huis, en dat is grotendeels te danken aan het Nederlands Elftal.
Oranje geeft de prachtige overwinning tegen Spanje een goed vervolg. Tegen een hardwerkend Australië wint Nederland met 2-3. In Porto Alegre laat het team zien tijdens een wedstrijd van systeem te kunnen veranderen.
Daarvoor laat Van Gaal een jonge, brutale rechtspoot invallen. Bij zijn club PSV speelt de 20-jarige Memphis Depay vanaf links, en komt zo tot veertien doelpunten in totaal. Met hem in het team kan Robben op zijn vertrouwde positie aan de rechterkant spelen.
Van Persie is de spits, en Sneijder moet de aanvallers zien te bedienen. Het staat na 45 minuten voetbal 1-1. Na een uur spelen in het zuiden van Brazilië is de stand opnieuw gelijk. Australië komt eerst weer op voorsprong, waarna Van Persie gelijk weet te maken.
De winnende treffer komt op naam van Memphis Depay.
Hij is één van de troeven van Van Gaal, die later in het toernooi kiest voor een keeperswissel in de penaltyserie tegen Costa Rica.
Oranje wint die wedstrijd maar verliest na strafschoppen de halve finale van Argentinië. Na winst op Brazilië pakt het team de derde plaats.
De ideeën van Van Gaal vormen de basis voor die prestatie.
Geschreven door: Freddy Gomes

